De voordelen van houten kozijnen ramen en deuren

De voordelen van houten kozijnen ramen en deuren

Houten kozijnen, ramen en deuren combineren een natuurlijke uitstraling met mogelijkheden voor isolatie, herstel en hergebruik. Hun kwaliteit hangt samen met de herkomst van het hout, de productie, de verwerking en het onderhoud. Met HOUT100% worden materiaalkeuze en gecontroleerde kwaliteit met elkaar verbonden.

Bij de keuze voor een kozijn gaat het om meer dan de kleur of het profiel. Een gevelelement moet prettig functioneren, passen bij de architectuur en tijdens zijn gebruiksduur goed te beheren zijn.

Een hernieuwbare grondstof voor biobased bouwen

Hout is een biobased materiaal: de grondstof heeft een biologische oorsprong. Bomen nemen tijdens hun groei CO₂ op en leggen koolstof vast in het hout. Die koolstof blijft opgeslagen zolang het hout behouden blijft. Bij verbranding komt de opgeslagen koolstof weer vrij.

Hernieuwbaarheid vraagt wel om verantwoord bosbeheer. De oogst moet passen binnen een beheer dat rekening houdt met herstel en behoud van het bos. Ook de verwerking, het transport en het onderhoud hebben milieu-impact. Beoordeel een kozijn daarom over zijn volledige levenscyclus, in plaats van uitsluitend naar de grondstof te kijken.

Een aantoonbaar verantwoorde herkomst

Een mooie houtnerf vertelt niet hoe het bos is beheerd. Daarvoor is een aantoonbare houtstroom nodig. Gecertificeerde herkomst is een voorwaarde voor een HOUT100%-certificaat.

FSC en PEFC bieden certificatiesystemen voor verantwoord bosbeheer en de handelsketen. STIP certificeert bedrijven die uitsluitend aantoonbaar verantwoord geproduceerd hout inkopen en verkopen. De systemen hebben een verschillende opzet. Vraag daarom naar het geldige certificaat en de bijbehorende informatie bij de levering, zodat de materiaalkeuze ook in het projectdossier duidelijk is.

Gecontroleerde kwaliteit tijdens het bouwproces

Een goed geproduceerd kozijn moet ook goed in de gevel terechtkomen. HOUT100% koppelt vakmanschap aan kwaliteitscontroles. De fabriekscheck richt zich op de productie. Afhankelijk van de projectaanmelding en het gekozen zekerheidslabel kunnen ook controles op de bouwplaats, bij oplevering en tijdens onderhoud onderdeel zijn van het traject.

Dat helpt om aandachtspunten bespreekbaar te maken op het moment waarop bijsturen nog mogelijk is. Denk aan opslag, beschadigingen of de aansluiting op het bouwkundige kader. Leg vooraf vast welk label bij de levering hoort en welke afspraken daarbij gelden.

Comfort door een passend kozijnsysteem

Houten kozijnen kunnen bijdragen aan een goed geïsoleerde, luchtdichte gevel. De uiteindelijke prestatie wordt bepaald door het geheel: kozijnprofielen, beglazing, afdichtingen en aansluiting op het gebouw. Ook geluidwering vraagt om beoordeling van die combinatie.

Vraag bij een vergelijking om de prestaties van het complete element. Een glaswaarde alleen zegt onvoldoende over het hele raam. Zo kun je een product kiezen dat aansluit op de comfort- en energieambities van het project.

Goed onderhoudbaar en plaatselijk herstelbaar

Hout biedt veel mogelijkheden om schade lokaal te herstellen. Een beschadigde afwerking kan worden bijgewerkt. Bij geschikt herstel kan een aangetast deel worden vervangen zonder dat het volledige kozijn uit de gevel hoeft.

Periodiek schoonmaken en inspecteren blijven nodig. Controleer onder meer verfwerk, kitnaden en waterafvoer. Het onderhoudsmoment hangt af van de staat, ligging en gekozen afwerking. Tijdige aandacht voorkomt dat een klein gebrek onnodig groter wordt.

Lange levensduur en mogelijkheden voor hergebruik

Een lange gebruiksduur benut de materiaalwaarde van een kozijn. Hout kan tijdens die periode worden onderhouden, aangepast en gerepareerd. Bij renovatie is daarom een belangrijke eerste vraag of het bestaande kozijn kan blijven functioneren.

Komt een element toch vrij, dan kunnen hergebruik van het complete element of verwerking van geschikt kozijnhout nieuwe mogelijkheden bieden. Dat vraagt om beoordeling van kwaliteit en prestaties. Circulair gebruik ontstaat door concrete keuzes voor behoud, demontage en een passende volgende toepassing.

Veelgestelde vragen over houten kozijnen

Hoe lang gaan houten kozijnen mee?

Goed ontworpen, geproduceerde en onderhouden houten kozijnen kunnen tientallen jaren functioneren. Een vaste levensduur voor alle kozijnen bestaat niet; toepassing, weersbelasting en onderhoud beïnvloeden het resultaat.

Zijn houten kozijnen onderhoudsvrij?

Nee. Het goede nieuws is dat ze goed onderhoudbaar zijn en vaak plaatselijk herstelbaar. Zo gaan houten kozijnen extra lang mee. Regelmatige inspectie helpt om werkzaamheden op het juiste moment uit te voeren.

Waarin verschilt HOUT100% van een houtkeurmerk?

Een herkomstkeurmerk gaat over verantwoord geproduceerd hout en de handelsketen. HOUT100% verbindt die materiaalbasis aan gecontroleerde productkwaliteit en projectafspraken.

Wil je weten welke mogelijkheden passen bij jouw gebouw? Bekijk de houten kozijnen van HOUT100%-bedrijven en bespreek prestaties, uitvoering en onderhoud in samenhang.


Houten kozijnen in hoogbouw met tien praktische ontwerptips

Houten kozijnen in hoogbouw met tien praktische ontwerptips

Houten kozijnen kunnen ook in hoogbouw een goed onderhoudbare en technisch passende gevelkeuze zijn. De voorwaarden moeten wel vanaf het ontwerp kloppen. Denk aan bescherming tegen weersinvloeden, veilige toegang voor onderhoud en aantoonbare prestaties van het complete gevelelement. Wie deze punten vroeg meeneemt, maakt de kwaliteit tijdens gebruik beter beheersbaar.

Een kozijn op de vijftiende verdieping vraagt om andere ontwerpafwegingen dan een kozijn op de begane grond. Hoe bereikt een schilder de buitenzijde? Waar loopt regenwater naartoe? En welke delen kunnen later worden vervangen? De tien ontwerpprincipes uit onze HOUT100%-infographic helpen om zulke vragen op tijd te beantwoorden.

1 Plaats kozijnen beschermd in de gevel

Terugliggende kozijnen kunnen minder direct worden blootgesteld aan regen en zon dan kozijnen vlak in het gevelvlak. De infographic noemt een terugligging van 80 tot 120 millimeter als ontwerprichting. Gebruik die maat als vertrekpunt voor overleg, niet als universele norm. Het uiteindelijke detail hangt af van de gevel, waterafvoer, aansluitingen en bouwfysische eisen.

2 Kies hout op basis van de toepassing

Gemodificeerd hout kan de vochtopname en werking van het hout beperken. Gelamineerd hout biedt mogelijkheden om geschikte houtdelen samen te voegen tot kozijnprofielen. Dit zijn verschillende technieken, die ook gecombineerd kunnen worden. Laat de producent onderbouwen welk houtproduct past bij de afmetingen, belasting en afwerking van het project.

Brandveiligheid verdient daarbij een afzonderlijke beoordeling. Een houtsoort op zichzelf maakt een kozijn niet brandwerend. Bij vereiste brandwerendheid moeten onder meer kozijn, glas, verbindingen en aansluitingen als passende combinatie worden beoordeeld.

3 Ontwerp veilige toegang voor onderhoud

Een goede onderhoudsstrategie laat zien welke oppervlakken bereikbaar zijn en welke hulpmiddelen nodig zijn. Galerijen, balkons en loggia’s kunnen toegang bieden, mits er voldoende veilige werkruimte is. Een Frans balkon is geen werkplatform. Een draaikiepraam kan toegang tot bepaalde delen vergemakkelijken, maar maakt de volledige buitenzijde niet automatisch bereikbaar.

4 Beperk de directe weersbelasting

Overstekken, balkons en loggia’s kunnen kozijnen beschutten. Beoordeel die bescherming per geveloriëntatie en bouwhoogte. Windgedreven regen kan ook een beschut detail bereiken. Combineer bescherming daarom altijd met een goede afwatering en een passende afwerking.

5 Stem het coatingsysteem af op de belasting

De coating beschermt het hout en bepaalt mede wanneer onderhoud nodig is. Kies het systeem in overleg met de kozijnproducent en verfleverancier. Neem zonbelasting, kleur, ligging en bereikbaarheid mee. Een langere onderhoudscyclus moet passen bij de gekozen productcombinatie en de werkelijke omstandigheden.

6 Benut de mogelijkheden van prefab

In de timmerfabriek kunnen productie, beglazing en afwerking onder gecontroleerde omstandigheden plaatsvinden. Dat maakt de voorbereiding van de montage overzichtelijker. Leg vooraf vast hoe compleet de elementen worden geleverd en hoe ze worden gehesen, bevestigd en beschermd. De aansluiting op de gevel blijft een belangrijk onderdeel van de uitvoering.

7 Geef water een duidelijke weg naar buiten

Water mag zich niet ophopen op kwetsbare aansluitingen. Ontwerp afwaterende profielen, voldoende afschot en passende drupdetails. Controleer of afvoeropeningen na montage vrij blijven. Juist kleine details kunnen bepalen of een kozijn regelmatig nat blijft of goed kan drogen.

8 Onderzoek hout aluminium kozijnen

Een houten kozijn met aluminium bekleding aan de buitenzijde kan interessant zijn bij zwaar belaste of moeilijk bereikbare gevels. De houten binnenzijde behoudt haar uitstraling, terwijl de buitenbekleding de directe weersbelasting op het hout beperkt. Ook deze combinatie vraagt om goede detaillering, inspectie en aandacht voor vervangbare onderdelen.

9 Leg onderhoud vast in het MJOP

Een meerjarenonderhoudsplan, kortweg MJOP, beschrijft inspecties, werkzaamheden en verwachte kosten. Neem ook de toegang tot de gevel en eventuele hulpmiddelen op. Zo wordt zichtbaar wat een materiaalkeuze tijdens de gebruiksfase betekent. Actualiseer het plan op basis van inspecties; de staat van het kozijn bepaalt mede wanneer ingrijpen nodig is.

10 Werk vroeg samen met de kozijnproducent

Betrek de producent zodra de gevel wordt ontworpen. Bespreek samen met het ontwerpteam de maatvoering, prestaties, montage en onderhoudsmogelijkheden. Daarmee voorkom je dat een fraai gevelbeeld later vraagt om onpraktische oplossingen voor inspectie of herstel.

Veelgestelde vragen over houten kozijnen in hoogbouw

Zijn houten kozijnen geschikt voor hoogbouw?

Ja, als de prestaties van het gekozen kozijnsysteem passen bij het gebouw. Weersbelasting, brandveiligheid, montage en onderhoudstoegang moeten in het ontwerp worden onderbouwd.

Is een terugligging van 80 tot 120 millimeter verplicht?

Nee. Het is een ontwerprichting uit de infographic. Het projectdetail en de bijbehorende eisen bepalen de benodigde positie in de gevel.

Kunnen alle werkzaamheden van binnenuit plaatsvinden?

Dat hangt af van het raamtype en het geveldetail. Laat per onderdeel beoordelen of inspectie, schilderwerk en vervanging veilig mogelijk zijn.

Wil je houten kozijnen toepassen in hoogbouw? Zoek een HOUT100%-bedrijf en bespreek de geveldetails en onderhoudsstrategie al in de ontwerpfase.

Zo meldt WN Kozijnen hun projecten aan bij HOUT100%

Zo meldt WN Kozijnen hun projecten aan bij HOUT100%

Projectaanmeldingen spelen een belangrijke rol binnen het HOUT100%-zekerheidssysteem. Toch krijgen wij regelmatig de vraag hoe het aanmelden van een project precies werkt en waarom bedrijven ervoor kiezen dit structureel te doen.

Daarom gingen we langs bij WN Kozijnen.

In deze video laten zij zien hoe projectaanmeldingen binnen hun organisatie zijn ingericht en welke voordelen dit oplevert in de dagelijkse praktijk.

Door een project aan te melden wordt kwaliteit aantoonbaar vastgelegd en ontstaat extra zekerheid gedurende het gehele bouwproces. Onafhankelijke controles dragen bij aan de borging van kwaliteit, van productie tot ver na oplevering.

Bekijk hieronder de video van WN Kozijnen.


Meld vandaag nog je project aan:
https://www.hout100procent.nl/project-aanmelden

Een projectaanmelding is de eerste stap naar aantoonbare kwaliteit en zekerheid.

Brein achter het kozijn – Joël van Dongen

Brein achter het kozijn – Joël van Dongen

Zichtbaar resultaat en slimme processen, het verhaal van Joël van Dongen van Kozijnmakers
Voor Joël van Dongen speelt zijn werk zich het liefst niet af achter een bureau, maar op de productievloer. Daar waar processen zichtbaar worden, mensen samenwerken en elke dag wordt gewerkt aan verbetering. Juist die combinatie van mens, techniek en resultaat bracht hem uiteindelijk naar de timmerindustrie.

Zijn loopbaan begon in de procesindustrie, waar hij werkte met isolatiematerialen. In die omgeving lag de nadruk op efficiëntie, structuur en het optimaliseren van processen, maar het eindproduct bleef vaak onzichtbaar. De overstap naar de kozijnenbranche maakte dat anders. “Bij kozijnen rijd je er later langs en denk je: dat hebben wij gemaakt.”

Van procesdenken naar praktijk
In zijn rol als productiemanager is Joël verantwoordelijk voor meerdere productielocaties, elk met hun eigen specialisatie. Van seriematige productie tot renovatieprojecten waarbij ook het plaatsen van kozijnen een rol speelt. Die verschillen maken dat processen niet één op één over te nemen zijn, maar steeds afgestemd moeten worden op de situatie per locatie.

Zijn manier van werken begint bij het in kaart brengen van het proces. Eerst begrijpen wat er gebeurt op de werkvloer, voordat er wordt gestuurd op verbetering. Waar ontstaan vertragingen, waar stapelt werk zich op en hoe verhouden geplande tijden zich tot de praktijk?

“Je moet eerst goed zien waar het vastloopt of vertraagt, voordat je iets kunt verbeteren,” zegt hij daarover.

Die analyse vormt de basis voor wat daarna volgt: stap voor stap verbeteren, met oog voor de praktijk en de mensen die ermee werken.

Lean als werkwijze
Binnen de productie werkt Joël met lean-principes om processen gestructureerd te verbeteren. Het doel is duidelijk: verspillingen beperken, knelpunten oplossen en zorgen dat het werk zo soepel mogelijk door de fabriek loopt.

Daarbij wordt onder andere gewerkt met een urengestuurde planning, waarbij de productielocaties richting een bezetting van 90 tot 95 procent worden gepland. Dat vraagt om een strakke aanpak, maar tegelijkertijd ook om flexibiliteit wanneer het in de praktijk anders loopt.

Wat daarbij opvalt, is dat efficiëntie niet ten koste hoeft te gaan van de werkdruk. Volgens Joël kan een goed ingericht proces juist rust geven op de werkvloer, ook wanneer er veel geproduceerd wordt.

Veranderen vraagt tijd
De grootste uitdaging zit volgens hem niet in de techniek, maar in het veranderen van werkwijzen. Zeker in een omgeving waar mensen vaak al jarenlang op dezelfde manier werken.

“Je verandert niet alleen een proces, maar ook hoe mensen hun werk doen.”

Daarom kiest hij bewust voor een geleidelijke aanpak. Kleine aanpassingen, zichtbaar resultaat en ruimte om te wennen aan een nieuwe manier van werken. Zodra medewerkers ervaren dat een verandering het werk daadwerkelijk verbetert, groeit het draagvlak vanzelf.

“Als mensen zien dat iets werkt en helpt, gaan ze vanzelf mee.”

Die aanpak vraagt om aanwezigheid op de werkvloer en om het gesprek met de mensen die het werk uitvoeren. Niet sturen op afstand, maar samen kijken waar het beter kan.

Samenwerking in het proces
Productie is volgens Joël geen verzameling losse stappen, maar een keten waarin alles met elkaar samenhangt. Dat betekent dat samenwerking tussen afdelingen essentieel is.

Werkvoorbereiding, verkoop en productie moeten goed op elkaar aansluiten. Informatie moet kloppen en overdrachtsmomenten moeten duidelijk zijn. Zeker binnen een organisatie met meerdere locaties vraagt dat om structuur en afstemming.

Daarnaast valt hem op dat er binnen de timmerindustrie relatief open wordt samengewerkt. Bedrijven delen kennis en kijken over de grenzen van hun eigen organisatie heen. Dat draagt bij aan de ontwikkeling van de sector als geheel.

Instroom en ontwikkeling
Ook sprak ik Joël over de instroom in de sector. Waar vroeger veel mensen direct vanuit school instroomden, ziet Joël nu vaker dat medewerkers nog zoekende zijn wanneer ze beginnen. In de praktijk ontdekken zij het vak en groeien ze daarin, mede door het werk en het team waarin ze terechtkomen.

Tegelijkertijd merkt hij dat jongere generaties andere verwachtingen hebben. Werkplezier, ontwikkeling en balans spelen een grotere rol dan voorheen. Dat vraagt om aanpassingen in hoe bedrijven hun organisatie inrichten en medewerkers begeleiden.

HOUT100% in de praktijk
HOUT100% kwam ook tijdens het gesprek aan bod. Joël heeft daar zelf nog beperkte ervaring mee, maar binnen zijn organisatie wordt gekeken naar het aanmelden van projecten om te verkennen wat het systeem in de praktijk oplevert.

Met name de bouwplaatsinspecties spreken aan, omdat ze inzicht geven in hoe producten daadwerkelijk worden toegepast.

Vooruitkijken
Kijkend naar de toekomst verwacht Joël dat de sector zich verder ontwikkelt op het gebied van automatisering, standaardisatie en biobased bouwen. De vraag naar snelle en efficiënte bouwmethoden blijft toenemen, net als de aandacht voor duurzame oplossingen.

Kijkend naar de toekomst verwacht Joël dat de sector zich verder ontwikkelt op het gebied van automatisering, standaardisatie en biobased bouwen. De vraag naar snelle en efficiënte bouwmethoden blijft toenemen, net als de aandacht voor duurzame oplossingen.

Het verhaal achter het kozijn
Wat zijn werk kenmerkt, is de combinatie van proces en resultaat. Het continu verbeteren van productie, het samenwerken met mensen op de werkvloer en het zien van het eindproduct in de praktijk.

Daarmee laat zijn verhaal zien waar de sector vandaag de dag staat: professioneel georganiseerd, technisch ontwikkeld en continu in beweging.

Juist daarin ligt ook de kracht van de timmerfabrieken van de NBVT en HOUT100%. Achter elk kozijn zit vakmanschap, maar ook een doordacht proces en een organisatie die staat voor kwaliteit.

Tekst: Chris Gruiters

In gesprek met Edwin Kuin

In gesprek met Edwin Kuin

Terug bij HOUT100% met liefde voor het vak
Voor velen in de branche is Edwin Kuin geen onbekende. Sinds 1 januari is hij terug bij HOUT100%. Voor hem voelt het als thuiskomen. Niet alleen omdat hij eerder nauw betrokken was bij de organisatie, maar vooral omdat hier zijn passie ligt: hout, kwaliteit en het vakmanschap erachter.

Een leven lang hout
“Ik heb eigenlijk mijn hele werkzame leven in de houtverwerkende industrie gezeten,” vertelt Edwin. Na zijn opleiding aan het Hout- en Meubileringscollege in Rotterdam begon hij in het familiebedrijf dat ooit door zijn opa werd opgericht. Als derde generatie werkte hij daar twaalf jaar binnen het familiebedrijf.

Daarna startte hij Kuin Advies en bouwde hij zijn rol verder uit binnen de timmerindustrie. In die periode werkte hij intensief samen met wat toen nog SGT heette, de voorloper van HOUT100%, en voor het GND. In die tijd was hij bezig met het onderzoeken van schades om de oorzaken te achterhalen. Edwin trok het land door om problemen te beoordelen en rapportages op te stellen. Maar gaandeweg zag hij iets veranderen. Na het vaststellen van veel voorkomende schades werden de normen KVT en BRL’s aangepast. Hierbij valt te denken aan verbeterde verbindingen, gecertificeerde verfsystemen en neuslaten.

“Waarom wachten tot er schade is? Kunnen we niet beter vooraf meekijken?”

Dat idee vormde de basis voor wat nu de bouwplaatsinspecties van HOUT100% zijn. Preventie in plaats van herstel en meedenken in plaats van achteraf corrigeren.

Wat doet Edwin bij HOUT100%?
Hij combineert inhoudelijke kennis met praktische uitvoering en vertegenwoordigt HOUT100% actief in de branche. Aangesloten bedrijven melden hun projecten met gecertificeerde grondstof en merkteken via de website. Deze projecten worden steekproefsgewijs geselecteerd voor een bouwplaatsinspectie. Edwin bewaakt dit proces, stemt de planning af met vijf inspecteurs in Nederland, bewaakt de spreiding en monitort de voortgang. Daarnaast beoordeelt hij binnengekomen rapportages, stemt indien nodig af met certificerende instellingen zoals SKH en zorgt dat certificaten worden afgegeven. Echter gaat zijn rol verder dan administratie.

Hij is ook zichtbaar in de branche tijdens Roadshows, bijeenkomsten en mogelijk bij opdrachtgevers, architecten en andere ketenpartners. Niet alleen om het keurmerk toe te lichten, maar om het verhaal achter kwaliteit en preventie te vertellen.

Waarom hout?
Voor Edwin begint het bij de grondstof. Hout is hernieuwbaar, groeit terug en slaat CO2 op. Bovendien wordt er binnen de Nederlandse timmerindustrie vrijwel uitsluitend gewerkt met gecertificeerd hout uit verantwoord beheerde bossen.

“Veel mensen denken nog steeds dat wij het Amazonegebied leegkappen. Dat is simpelweg niet waar.”

Het meeste hout komt uit goed beheerde bosgebieden in Europa, Noord-Amerika, Zuid-Oost Azië en Afrika, legt Edwin uit. In die bossen wordt actief herplant en gemonitord. Volgens hem is dat een verhaal dat nog lang niet bij iedereen bekend is.

Ook over de technische kwaliteit van hout is hij uitgesproken. Hij wijst erop dat de slechte reputatie van houten kozijnen uit de jaren vijftig tot zeventig nog altijd doorwerkt in het beeld van vandaag. In die periode werd vaak met te nat hout gewerkt, onder tijdsdruk gebouwd en minder doordacht geconstrueerd, wat destijds tot problemen leidde. “Dat tijdperk ligt ver achter ons. Met de huidige verbindingstechnieken, digitale engineering en kwaliteitscontroles maken we producten die generaties meegaan.”

Volgens Edwin schuilt de kracht van hout juist in de combinatie van natuurlijke isolatie, onderhoudsmogelijkheden en herstelbaarheid. Daar komt bij dat hout flexibel is in vorm en detaillering. Een bestaand houten kozijn kan worden geüpgraded van enkelglas naar HR++ of triple glas, profielen kunnen worden aangepast en schade kan lokaal worden hersteld zonder dat volledige vervanging nodig is. Die mate van aanpasbaarheid ziet hij minder terug bij alternatieve materialen.

Wat maakt HOUT100% sterk?
Volgens Edwin zit de kracht in de combinatie van een gecertificeerde grondstof met een sluitende chain of custody, een gecontroleerde productie volgens vaste normen en de bouwplaatsinspecties die kwaliteit ook buiten de fabriek bewaken. Bovendien mogen alleen bedrijven die aantoonbaar met verantwoord hout werken, zich aansluiten. Zij produceren onder KOMO-certificering en worden onafhankelijk gecontroleerd, waardoor de kwaliteit structureel wordt geborgd. De bouwplaatsinspecties zijn daarbij geen controlemiddel om te wijzen, maar een manier om samen te zorgen dat een goed product ook goed wordt verwerkt. Want zelfs het beste kozijn kan problemen krijgen als het verkeerd wordt verwerkt. Het draait dus niet om controleren vanuit wantrouwen, maar om vooraf samen na te denken en kwaliteit te borgen.

“De inspecties worden over het algemeen als prettig ervaren. Het is een open gesprek. Daarmee is HOUT100% niet alleen een keurmerk, maar ook een kwaliteitsnetwerk.”

Waar kom je Edwin tegen?
De komende tijd is Edwin aanwezig bij de Roadshows, bij de Kozijnendag en bij diverse bijeenkomsten in de branche. Hij ondersteunt aangesloten bedrijven bij vragen over projectaanmelding en inspecties en is rechtstreeks bereikbaar via edwin@hout100procent.nl. Daarmee is hij niet alleen het aanspreekpunt voor het proces, maar ook voor het gesprek over kwaliteit op de bouwplaats. Voor hem betekent HOUT100% vooruitkijken in plaats van achteraf herstellen en samen verantwoordelijkheid dragen voor wat er op de bouw gebeurt. “Ik heb niks met staal of kunststof

Circulaire geveleconomie: wat is het en waarom is het belangrijk

Circulaire geveleconomie: wat is het en waarom is het belangrijk

De circulaire geveleconomie is allang geen toekomstvisie meer. Het is een concrete opgave waar de bouwsector zich nú mee bezighoudt. Gevelelementen moeten zo worden ontworpen, gebruikt en hergebruikt dat materialen zo lang mogelijk hun waarde behouden. Binnen deze transitie speelt Ludo Schennink, projectleider circulaire geveleconomie bij de NBVT, een centrale rol. Hij verbindt bedrijven en brancheorganisaties en zet zich ervoor in dat hout een volwaardige plaats behoudt binnen circulaire oplossingen.

Samenwerking als fundament
Het circulaire gevelproject is ontstaan vanuit het subsidietraject Toekomstbestendige Leefomgeving. Binnen dit traject werken vijf brancheorganisaties en twee ministeries intensief samen om overzicht en samenhang te creëren: VMRG, VKG, NBVT, BNVG en VHS, samen met het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Namens de NBVT is Ludo Schennink projectleider circulaire geveleconomie. Hij werkt daarbij nauw samen met Hans Brokking, Patrick de Lange en Arend Jan Overbeek. Door actief deel te nemen aan dit samenwerkingsverband kan de NBVT invloed uitoefenen op beslissingen die direct van belang zijn voor de houtsector.

Wat is de circulaire geveleconomie?
De circulaire geveleconomie (CGE) richt zich in eerste instantie op gevelelementen zoals kozijnen, ramen en deuren, inclusief bijbehorende onderdelen zoals glas en hang- en sluitwerk. Het doel is om materialen zo lang, mogelijk in de keten te houden door levensduurverlenging, hergebruik element of onderdelen of als het echt niet anders kan, gerecycled.

“Binnen de CGE sturen we op vijf thema’s,” legt Ludo uit. “Levensduurverlenging, hergebruik van elementen en componenten, hergebruik van materiaal, het verminderen van verpakkingen en circulair ontwerpen.” Hout heeft unieke eigenschappen binnen circulaire toepassingen: het slaat grote hoeveelheden CO₂ op, en hoe langer het wordt gebruikt, hoe langer die CO₂ vastgelegd blijft.

Van bos tot bouwplaats:
de levenscyclus van houtCirculariteit begint volgens Ludo niet op de bouwplaats, maar al in het bos. Binnen het project wordt daarom gewerkt met Life Cycle Analyses (LCA’s), waarin de volledige levenscyclus van hout wordt bekeken: van oogst tot toepassing in het kozijn en daarna. Zoals eerder aangegeven slaat hout grote hoeveelheden CO₂- op. Op dit moment is de CO₂-opslag nog onvoldoende verwerkt in deze analyses, maar Europese regelgeving gaat dat binnenkort veranderen. Deze nieuwe benadering staat bekend als Whole Life Carbon. Daarover vertellen we je in een toekomstig artikel graag meer.

Minder verspilling in de productiefase
Een veelgehoord misverstand is dat hout automatisch circulair is omdat het biologisch afbreekbaar is. “Dat klopt,” zegt Ludo, “maar het echte doel is om hout zo lang mogelijk in de keten te houden. Verbranden is geen circulaire oplossing; hergebruik wel.”

Daarom wordt in de productiefase al veel gedaan om verspilling te beperken. In timmerfabrieken worden reststukken hout door middel van vingerlassen verwerkt tot bruikbare lengtes. Andere reststromen, zoals zaagsel, krijgen een tweede leven als grondstof voor plaatmateriaal zoals spaanplaat of MDF. Deze keuzes dragen direct bij aan een lagere milieubelasting en een efficiënter gebruik van grondstoffen.

De gebruiksfase bepaalt de impact
De volgende en meest cruciale fase binnen de circulaire geveleconomie is de gebruiksfase waarbij levensduurverlenging centraal staat. Daarom spelen onderhoudsbedrijven een steeds belangrijkere rol. Door regelmatig te inspecteren en goed onderhoud te plegen kunnen houten kozijnen veel langer meegaan dan vaak wordt aangenomen.

Daarnaast zijn houten kozijnen bijzonder goed aanpasbaar. Glas en draaiende delen kunnen worden vervangen, waardoor een houten kozijn een nieuwe levensfase ingaat en de opgeslagen CO₂ behouden blijft. Het aanpassen van bestaande kozijnen aan nieuwe eisen, ook wel refurbish on site genoemd, is bij hout vaak mogelijk, terwijl andere materialen sneller volledig moeten worden vervangen of gerecycled en tot recycling overgaan van het oude kozijn. Daarom scoort hout binnen de R-ladder hier uitzonderlijk hoog.

Wanneer het hout moet worden hergebruikt
Ook ontstaan er al concrete samenwerkingen, bijvoorbeeld met het bedrijf Insert, dat zich richt op het hergebruik van hardhout uit kozijnen, ramen en deuren. Daar worden kozijnen, ramen en deuren zorgvuldig gedemonteerd, ontdaan van metaal en gezaagd tot lamellen. Vervolgens wordt het via vingerlassen en lamineren opnieuw verwerkt tot volwaardig kozijnhout of andere toepassingen. Voor nu, in de huidige opstartfase van CGE, ligt de focus vooral op deuren, omdat deze technisch eenvoudiger te verwerken zijn.

Certificering en regelgeving
Voorgoed hergebruik is kwaliteit essentieel. Gecertificeerd hout vormt daarbij de basis. Binnen het project wordt gekeken naar uitbreiding van certificering, zodat materialen veilig en verantwoord opnieuw kunnen worden toegepast.

Tegelijkertijd loopt de sector tegen wet- en regelgeving aan die nog onvoldoende is ingericht op circulariteit. Daar valt nog een hoop winst te behalen. Ludo benadrukt het belang van samenwerking: “Alleen samen kunnen we voldoende invloed uitoefenen op Europese regelgeving. Daarom is het zo belangrijk dat alle brancheverenigingen de handen ineenslaan.” Daarbij moet ook oog blijven voor kleine bedrijven. Circulariteit werkt alleen als iedereen kan meedoen.

Prefab en nieuwe kansen voor hergebruik
Prefab bouwen wordt binnen het project nog niet volledig meegenomen, maar biedt veel potentie. In samenwerking met TNO wordt onderzocht of bestaand hout kan worden ingezet in grotere constructies, zoals CLT of zware houtbalken. Met behulp van scanners kan hout worden gecontroleerd op rot en metaal, zodat slechte delen en verontreinigingen worden verwijderd en het resterende hout opnieuw inzetbaar is.

Oproep aan de sector
“Ga ermee aan de slag. Circulair bouwen vraagt ervaring. Het is soms duurder, maar kozijnen vormen slechts een klein deel van de totale bouwkosten. Door projecten te realiseren en kennis te delen, kan de sector leren en opschalen.” NBVT-leden kunnen daarbij zowel hout aanleveren als afnemen. Ludo benadrukt dat vooraf contact opnemen essentieel is, zodat kansen en vragen gezamenlijk worden opgepakt en initiatieven daadwerkelijk kunnen doorgroeien.

Tekst: Chris Gruiters | Interview: Ludo Schennink (NBVT)